Annie Gielen-Van Dongen.

Annie Gielen-Van Dongen

Annie Gielen- Van Dongen is op 29 februari 1932 in Princenhage aan de Haagweg geboren. Annie groeide als jongste van het gezin op met haar oudere zus en drie oudere broers. Zij leerde haar man Geert Gielen op de kermis in Princenhage kennen, voor een kwartje mocht je toen een plaat aanvragen voor de jongens in Indie. Geert kwam naar haar toe en vroeg of zij een plaat voor Nan van den Burg aan wilde vragen. En zo geschiedde het dat zij na 8 jaar verkering op 20 mei 1957 bij haar ouders zijn ingetrouwd.

 

Princenhage

Wij mochten in de voorkamer wonen en noemden het kamertje een alkoof omdat er vroeger een bedstee was geweest. Er stond een eethoekje, een paar zitstoeltjes, die ik zelf had bekleed en een kachel van mijn moeder. Wij hadden een goed bed, dat wij al voor ons huwelijk bij Hoogers aan de Haagweg in de aanbieding hadden gekocht voor f 395,-. De oudste van onze drie zonen, Ludo is in 1959 in dit huis geboren. Na drie jaar zijn wij een huis of 10 verderop gaan wonen boven een sigarettenwinkeltje. Daar is in 1961 onze tweede zoon Wim geboren.

Het Heuvelkwartier.

In 1962 zijn wij naar de Heuvelbrink verhuisd. Het pand stond op de hoek van de Tasmanstraat en daar is onze jongste zoon Paul geboren. De kelder stond altijd onder water zodat ik er telkens water uit moest scheppen en de muren zaten onder de schimmel. Onze zoon Ludo had er bronchitis van gekregen en lag in de Klokkenberg. Zijn specialist zei tegen mij dat, als ik ooit een ander huis tegen zou komen hij er achter elkaar voor zou tekenen. Er kwam een ander huis op de Heuvelbrink leeg maar er was nog een gezin met dertien kinderen, die het graag wilde hebben. Wij kregen het tenslotte door de brief van de Klokkenberg. De vorige bewoners hadden zo gepoetst dat alles blonk, het was zo stralend dat je er zo in kon gaan wonen. Wij hadden het mooiste huis van de hele rij en konden tot achter in de Flierstraat kijken maar het huis bij de hoek van de Tasmanstraat was makkelijker omdat er minder trapjes waren.

Verenigingen

Toen wij pas op de Heuvelbrink woonden kwam mevrouw Krens uit de Heemskerkstraat bij mij aan. Zij zat evenals mijn man Geert in de gemeenteraad en vroeg mij wat ik allemaal deed. Ja, ik zorgde voor onze kinderen en maakte kleding. Zij zei: "Ik zal je eens meenemen naar de Damesvereniging, dan heb je ook eens wat afleiding". Zo werd ik in 1968 lid van de Damesvereniging en ben er nog steeds lid van.

 

Als er een reisje was, zorgde mevrouw Krens dat een van haar dochters op onze kinderen paste en dan kon ik mee op reis. Ik ben 18 jaar wijkleidster bij de Damesvereniging geweest en was altijd 2 middagen kwijt als ik de uitnodigingen naar mijn groepje van 8 leden rond ging brengen want ik moest overal een kopje koffie drinken en kwam zomaar niet weg. Nadat ik daar lid van was geworden kwam dhr. Machielse van de Zonnebloem, hij zei: "Annie, ik heb gehoord dat je bij de Damesvereniging bent, zou je ook bij de Zonnebloem willen komen?". Daar werd ik medewerkster en heb heel lang zieke mensen bezocht.

Als er iets georganiseerd moest worden was ik er natuurlijk ook bij. Zo werd het steeds meer totdat voorzitter dhr. Hilt ernstig ziek werd. Hij was een hele goede voorzitter, hoor! Toen heb ik zijn taak in 1997 overgenomen en ben nog steeds voorzitster van de Zonnebloem De Heuvel. Als er iets te doen is hoef ik haast niet te zeggen wat iedereen moet doen. Ieder begint en het loopt goed omdat iedereen zeer goed op elkaar is ingesteld. Tot 2003 waren er twee afdelingen van de Zonnebloem in het Heuvelkwartier n.l. Zonnebloem Mgr. Nolensplein en Zonnebloem Oranjeboomstraat. Deze zijn toen samengevoegd tot "Zonnebloem De Heuvel". Onze afdeling telt op het ogenblik 100 leden.

De hobbyclub

De hobbyclub is in de Vlieren door Beb Borgmans en mevrouw Grond opgericht. Deze is destijds verhuisd naar de Agnesschool in de Oranjeboomstraat. Toen ze daar zaten ben ik er 1977 ook lid van geworden. Van de Agnesschool zijn we naar de Keet gegaan. Daar zaten we nog maar met 5 personen. In 2004 zijn we naar het Inloophuis gegaan en tellen nu 16 leden. Eigenlijk zouden er geen leden meer bij moeten komen want ik moet onderhand een spreekhoorn pakken omdat wij te ver van elkaar zitten om ons nog verstaanbaar te kunnen maken. Het is enorm gezellig, ieder brengt zijn eigen handwerk mee. Er zit iemand te breien, te kantklossen of te borduren en ik maak meestal driedimensionale kaarten voor Polen en deel de lakens uit.

Loes Bouwmeester, de beheerster van het Inloophuis is ook altijd zo gezellig en doet zelf ook mee. Mevrouw Reinieren, die vaak aan het kantklossen is kent eigenlijk van alles. Zij maakt ook leuke poppenkleertjes, die zij dan weer verkoopt en de opbrengst daarvan gaat naar de kinderen in Afrika. Toen de hobbyclub nog in de Keet zat kwam Riet Goorden er ook bij. Zij maakte kaarten voor een cardiologisch kinderziekenhuis in Polen. Sinds die tijd maken wij samen de kaarten waarvan de opbrengst naar het ziekenhuis gaat. Van de arts in Polen krijg ik elk jaar een kaart met een bedankje erop, dit is best leuk.

Voor mijn kleinkinderen heb ik carnavalskleding gemaakt en nu ben ik voor de poppen ook dezelfde kleding aan het maken. Vanmiddag komt de hobbyclub weer bijeen in de Brink waar we voor € 1,50 een koffietafel met soep vooraf nuttigen, daarna gaan we handwerken, dat is meestal bloemschikken als we in de Brink zijn. Ik had laatst een groot stuk schuimrubber gekregen en van een onderbuurvrouw een grote lap stof van Jan de Bouvri daarvan heb ik 20 kussentjes gemaakt voor de Brink. Ze zijn erg leuk om te zien.

Vrijwilligerswerk

Voor het S.O.B heb ik 10 jaar les gegeven in bloemschikken en ging van het ene gemeenschapshuis naar het andere door heel Breda. Ik ben niet zakelijk en hou van gezelligheid, dat vertel ik dan ook als ik ergens begin, het gaat er dan altijd gemoedelijk aan toe. In 1979 ben ik lid geworden van het Dameskoor plus/minus het was een koor voor jong en oud, de jongste was 26 jaar en het koor had geen dirigent of organist. Sinds 2 jaar ben ik bij het Dameskoor van de kerk. Zo ben ik ook 12 jaar gastvrouw geweest van de parochie.

Dit hield in dat ik in de pastorie een middag in de week van 14.00 tot 16.00 uur koffie schonk, vergaderingen zette, de telefoon beantwoordde en de mensen hielp, die aanbelden. Dit deed iedere middag een andere persoon. Mijn man Geert heeft samen met Pastoor Van Hooijdonk en Frans Menke een werkgroep voor de kerk opgericht. Men ging oud papier inzamelen en de opbrengst was voor de kerk. Ik was er natuurlijk ook bij. Deze oud papierverzameling is ter ziele gegaan toen het papier niets meer opleverde daarna zijn wij overgegaan in een rommelmarkt, die nog steeds iedere eerste zaterdag van de maand van 9.30 tot 12.00 uur plaatsvindt.

De Buurt

Wij hadden gezellige buren en achter ons woonde een buitenlander met 7 kinderen, hij zei ons altijd vriendelijk goeden dag. Wij hebben trouwens nog nooit problemen met allochtonen in het Heuvelkwartier gehad. Op het Mgr. Nolensplein werd er vaak een braderie gehouden, waar wij voor de Zonnebloem natuurlijk ook stonden. Dit leverde dan weer wat geld op. Als er festiviteiten op de Heuvelbrink waren, zoals de kerstboomverbranding kwamen alle brandweermannen koffie bij ons drinken. Ik zorgde ook voor de mensen, die aan de geraniummarkt meewerkte of als de drumband een concours had en werkte zo op de achtergrond. Ik heb het altijd heel fijn gevonden in het Heuvelkwartier maar erg genoeg zijn mijn knieën versleten en ik kon niet meer de trapjes op of af in ons huis aan de Heuvelbrink. Wij zijn daarom pas verhuisd naar een seniorenwoning in Princenhage. Ik vind het nog steeds erg dat ik na 40 jaar op de Heuvelbrink weg heb gemoeten maar ben toch als het kan iedere dag in het gezellige Heuvelkwartier bij mijn kennissen vanwege mijn vrijwilligerswerk.

Interview: Ria Veltman d.d.: 28-01-2005