Heemskerkstraat 1:
De familie De Kroon.

Door: Cor Willemse

Joop en Jef

Toen we verhuisden woonden er nog maar een paar mensen in die twee rijtjes huizen aan de Heemskerkstraat en Olivier van Noortstraat.. Op nummer 1 van de Heemskerkstraat woonde de familie De Kroon. Meneer De Kroon werkte in de buurt van de Haagweg bij de brandblusapparatenfabriek Saval. Ze hadden twee zoons van ongeveer mijn leeftijd, Joop en Jef. Die twee jongens waren er apetrots op dat ze in een hoekhuis woonden en dat zij als eerste in de straat waren komen wonen. Hun vader, die ook Jef heette, droeg altijd een pet. Men zei dat, dat was, omdat hij kaal was en dat hij die pet ook 's nachts in bed droeg. Moeder de Kroon beschikte over een stem als een sirene. Als wij in het Mastbos speelden hoorden wij op kilometers afstand moeder de Kroon haar kinderen binnenroepen: Jokeeeee! Jefkeeee! Jaren later gaf broeder Paolo, het hoofd van de Clemensschool, Joop een klap voor zijn kop. Moeder de Kroon kwam naar school en gaf hem voor het oog van alle kinderen een knallende klap in zijn gezicht terug. Niet lang daarna waren de jongens de Kroon niet meer op onze school.

De vinger

Ik organiseerde regelmatig toneelvoorstellingen bij ons achter in het schuurtje. De schuurdeur klemde een beetje en moest daarom met enige kracht worden dicht geworpen. Op een keer zat Jef de Kroon er met een vinger tussen. Wat ging hij tekeer! Later bagatelliseerde iedereen het gebeuren. Het was alleen zijn vingertopje maar dat er af was. Ik was reuze blij dat het mijn vingertopje niet was.

De kok

Op een keer hadden we een pakje soepgroente gejat bij de kruidenier. Joop zou voor kok spelen en voor ons in onze schuur soep maken. Wij moesten buiten wachten tot de soep klaar was. Hij riep ons, en wij terug naar binnen de schuur in. Op een provisorische tafel had hij 4 borden voor ieder van ons neergezet, gevuld met groentesoep. Moet jij zelf geen soep Joop? Nee, hij lustte die soep niet. Wij hadden wel trek en gingen zitten om de soep te eten. Op het moment dat we de eerste lepel met soep naar onze mond brachten, begon Joop in onze borden te plassen. John Schouten gritste zijn bord nog net onder de straal urine vandaan en rende al etend met zijn bordje soep naar buiten.


Bewerking: Ria Veltman, d.d.: 24-01-2005.