Straatnamen in de Heuvel

Groen van Prinstererstraat, Dr. Kuyperstraat, De Savornin Lohmanstraat, Troelstrastraat, Colijnstraat, Heemskerkstraat, Talmastraat

In "Straten in de Heuvel" beschrijven we nu een aantal straten, die naar voormalige politieke smaakmakers zijn genoemd. Op één na hebben ze hun stempel gedrukt in de vorige eeuw op de staatsinrichting van Nederland. Let wel het begin van de vorige eeuw.

Guillaume Groen van Prinsterer (1801-1876)

Guillaume Groen van Prinsterer studeerde rechten en klassieke letteren in Leiden. Was advocaat en kwam in 1827 in dienst van het kabinet van de koning in Brussel en raakte onder invloed van de hofprediker J.H. Merie d'Aubigné tot het orthodox protestantisme en ging behoren tot de kringen van het Réveil. Op staatkundig gebied verdediger van het eigen recht van de overheid, onafhankelijk van de volkswil. Grondlegger van de Antirevolutionaire Partij. Lid van de Tweede Kamer en bestreed daar fel het liberalisme van Thorbecke. Richtte na zijn politieke carrière in 1864 de Confessionele Vereniging op ter versterking van de binding aan de belijdenis van de Nederlandse Hervormde Kerk.


Dr. Abraham Kuyper (1837-1920)

Dr. Abraham Kuyper studeerde theologie in Leiden. Werkzaam als predikant en later hoofdredacteur van het antirevolutionair dagblad De Standaard. Lid van de Tweede kamer van de A.R.P. (opvolger van Groen van Prinsterer). Leider van die partij tot zijn dood. In 1880 was hij stichter en hoogleraar aan de Vrije Universiteit in Amsterdam met als doel hier een centrum te maken van christelijke wetenschap en gekerstende cultuur. Van 1901-1905 was hij minister president. In 1903 uitvinder van het stakingsverbod voor overheidspersoneel ("worgwetten"). Hij maakte na de val van zijn kabinet een grote wereldreis en besloot zijn actieve leven van 1912-1920 als lid van de Eerste Kamer.


Jhr. Alexander Frederik Savornin Lohman (1837-1924)

Jhr. Alexander Frederik Savorin Lohman hoogleraar staatsrecht aan de Vrije Universiteit. Van 1879-1921 was hij lid van de Tweede Kamer, van (1890-1891) was hij minister van Binnenlandse Zaken en van 1892-1894 lid van de Nederlandse Hervormde conservatieve elementen. In de A.R.P. kwam hij in conflict met Dr. A. Kuyper. Scheidde zich in 1894 van de A.R.P. af en werd leider van de vrij-antirevolutionairen. In 1903 fusioneerde deze groep met de C.H.U. Veel heeft Savornin Lohman gedaan voor het lager onderwijs. Hij weigerde als volgeling van het réveil dogmatische-calvinistische staatkunde te doceren waardoor hij als hoogleraar van de Vrije Universiteit werd afgezet.



Pieter Jelles Troelstra (1860-1930).

Pieter Jelles Troelstra was fries dichter en politicus. Advocaat te Leeuwarden werd lid van de Sociaal Democratische Bond en opponeerde tegen Domela Nieuwenhuis met wie hij in 1893 brak. Mede initiatiefnemer tot de oprichting van de Sociaal Democratische Arbeiders Partij (S.D.A.P.) en was ruim 30 jaar de algemeen erkende leider van deze partij. Van 1897-1925 was hij Tweede Kamerlid. Liet zich in 1918 verleiden tot afkondiging van de revolutie in het parlement maar de regering trad niet af. Zijn gezag in het parlement herstelde daarna niet meer maar in zijn partij bleef hij ongekend populair. Troelstra heeft veel gedaan voor de Socialistische Internationale.


Hendrikus Colijn (1869-1944)

Hendrikus Colijn werd in 1892 tweede luitenant bij het K.N.I.L. Onderscheidde zich bij de pacificatie van Atjeh. Hij verliet in 1909 de dienst en werd antirevolutionair. Hij was Tweede Kamerlid van 1911-1913 en minister van oorlog. Van 1923-1925 minister van Financien en zesmaal premier van 1925-1939. Zijn crisisbeleid voor de oorlog wekte bij de arbeidersklasse grote afkeer. Scheen zich na de duitse bezetting bij de Nieuwe Orde neer te leggen maar veranderde al gauw van mening. Was sinds 1941 geïnterneerd.




Theodorus Heemskerk Jzn. (1852-1932).

Theodorus Heemskerk had rechten gestudeerd en was advocaat te Amsterdam. Van oorsprong was hij liberaal hij kwam als antirevolutionair in 1888 in de Tweede Kamer en van 1908-1913 was hij minister van Binnenlandse Zaken. Van 1918-1925 minister van Justitie in welke functie hij vernieuwingen aanbracht in de rechtspleging o.a. kinderrechtspraak en een nieuw wetboek van strafvordering. Van 1925 tot zijn dood was hij lid van de Tweede Kamer.




Aritius Sybrandus Talma (1864-1916).

Aritius Sybrandus Talma was predikant en later antirevolutionair van 1901-1908 lid van de Tweede Kamer. Hij had een groot aandeel in de stichting van een Christelijk Arbeidssecretariaat dat een protestands-christelijke vakvereniging (C.N.V.) oprichtte. Van 1908-1913 was hij minister van Landbouw, Handel en Nijverheid en diende een aantal sociale wetten in maar die haalde het niet op één na: "gratis pensioen aan 70-jarigen" (f 2,50 per week). Talma wordt verder beschouwd als de vader van de Nederlandse sociale verzekeringen.

Bij dit artikel is gebruik gemaakt van "De Straten van Breda, door G. Otten"