Straatnamen in de Heuvel

Van Oldenbarneveltstraat

Een van de vroege bewoners

Ik ben Henk van der Pol en ik woonde in de Van Oldenbarneveltstraat op nummer 8. We zijn daar in 1951 komen wonen; mijn vader, moeder en vijf kinderen, drie meisjes en twee jongens.
We kwamen daar als Nederlands-hervormd gezin in een overwegend katholieke wijk, wat nooit problemen gegeven heeft voor zover ik weet. Wel speelden we meer met kinderen van dezelfde geloofsovertuiging maar dat kwam eerder doordat we op dezelfde school zaten, de prinses Beatrixschool.

Buurtgenoten en een vergeten broer

Naast ons woonde de familie Houkes. Hij was aardappelboer en had altijd zijn tuin vol met aardappels liggen. We hebben vaak geholpen waardoor we thuis altijd gratis aardappels hadden. Soms mochten we met hem mee naar Zeeland om nieuwe voorraad te halen, wat een keer wat fout ging. We vergaten mijn oudste broer Jan mee terug te nemen. We dachten dat hij achter in de vrachtwagen zat maar helaas, dat was niet zo. Mijn vader kwaad op Houkes en mijn broer was, door te liften en veel te lopen, pas 's avonds tegen tienen thuis. Maar alles kwam toch nog goed.
Aan de andere kant van ons op nummer 10 woonde de familie Danen. Met hun zoon Aard speelde ik veel. Zij zijn in het jaar 1957 naar Nieuw Zeeland geëmigreerd, naar de plaats Christchurch.
Aan de overkant van de straat woonde de familie Volders, die de eerste auto in de straat hadden, waar zondags een ritje mee werd gemaakt en waar ze dan eerst met een jerrycan benzine ingooiden.
We hadden in die tijd ook veel contact met de familie V.d. Heuvel uit de Heinsiusstraat en de familie Pot uit de Talmastraat. Van beide families zaten de kinderen ook op de prinses Beatrixschool. Meestal liepen we samen van en naar school, waarbij we onderweg ook wel het nodige kattenkwaad uithaalden.

Leuke, zware tijden

Vaak hadden we voetbalwedstrijden tussen de straten onderling, op het veldje bij het Burgerhof, waar het er af en toe aardig fanatiek aan toe ging. En op iets oudere leeftijd werd er veel gekaart, vaak bijna met het mes op tafel.
Achter ons huis hadden we een groot grasveld waar we tenten bouwden, waar we in de vakanties dan ook onze boterhammen aten met z'n allen. De verharde paden van sintels werden gebruikt voor knikkerspelen of landjepik. Je had allebei een vierkant afgetekend en je moest door het gooien van een mes in de grond zien, als het mes bleef staan, om zoveel mogelijk grond in één keer af te tekenen en land van je tegenpartij te stelen. Voor onze ouders in de hele buurt waren het vaak zware tijden, realiseer je je eigen later pas, maar voor ons, kinderen was het eigenlijk wel een leuke tijd.
We zijn in 1963 verhuisd naar De Geeren-Noord, naar de Mollenberg, waar we ook gelijk nieuwe buren kregen en wel de familie Marijnissen uit de Talmastraat. Hoe toevallig kan het zijn.
Nu woon ik in Nunspeet en ik kijk met veel plezier terug op deze tijd.

Henk (Henrie) van der Pol, maart 2010