Hier in de Heuvel is iedereen vriendelijk

Het Theehuis

Het Theehuis begint geleidelijk aan vol te lopen. In de gang staan schoenen in alle soorten en maten. Als vanzelfsprekend trekken de meeste vrouwen, evenals een enkele mannelijke bezoeker, hun schoenen uit voor ze de woonkamer binnengaan. Nederlanders zijn dat niet gewend. Het is echter helemaal niet verplicht.
Er zijn meer misverstanden over vermeende verplichtingen van Islamitische vrouwen. De hoofddoek is wel het meest bekende voorbeeld. Maar het dragen van een hoofddoek is een vrijwillige keuze van een vrouw, er zit geen enkele dwang achter.

Het dragen van bedekkende kleding is ook niet bedoeld om de vrouw te onderdrukken of te beheersen maar juist om haar te beschermen. Zo vertellen ons Zineb Chih en Salha Cheggar, samen met Fatima Idamir en Leila Bechrouri de oprichtsters van het Marokkaans Vrouwencomité. Het Theehuis is een van hun initiatieven. Alle vrouwen van alle nationaliteiten zijn er op de inloopmiddag welkom. Er zijn allerlei activiteiten en themabijeenkomsten en onder het genot van een kopje thee wordt er gezellig gepraat over specifieke vrouwenzaken.

Salha kwam als achttienjarige met haar man mee uit Marokko. Een eerste eis was het leren van Nederlands. Dat ging natuurlijk het best in de praktijk. Er waren al snel contacten met buren, ze kletsten wat op straat en maakten afspraken om bij elkaar op de koffie of de thee te komen. Je moest je gewoon niet schamen om fouten te maken.Zo ging het ook met het leren omgaan met het Nederlandse geld en met boodschappen doen. Salha's man was modern en ontwikkeld en hij hielp haar om werk te vinden. Ze weet nog goed dat haar eerste bazin erg streng was.

Ook Zineb wilde zo snel mogelijk aan het werk. Ze was trots op haar werk. Haar eerste salaris kreeg ze in contant geld, in een geel envelopje, een soort loonzakje. Het was prettig dat ze daarvan haar man eens kon trakteren.

Hoe kwamen Zineb en Salha ertoe om zich te gaan inzetten voor de gemeenschap? Ze waren allebei op zoek naar activiteiten. Zineb kwam in contact met Fatima, later met Salha, en samen met Leila vormden ze eind 1999 het Marokkaans Vrouwencomité. Het idee was om allochtone vrouwen met elkaar in contact te brengen om te praten over problemen met hun werk of binnen hun gezin. De oorspronkelijke doelgroep waren Marokkaanse vrouwen. Zineb en Salha wisten vanuit hun eigen ervaring heel goed wat vrouwen in vergelijkbare situaties nodig hadden en ze dachten die dan ook te kunnen steunen.

In eerste instantie kwamen er weinig reacties van andere vrouwen maar inmiddels is hun aantal gegroeid tot bijna veertig. Op het laatste Suikerfeest, wat elk jaar in De Vlieren georganiseerd wordt, waren maar liefst tweehonderd bezoekers, die voor een deel ook van elders kwamen.

Ongewoonte in een vreemd land?

Salha is trots op de resultaten van de inburgering. Er zijn weinig problemen met de autoriteiten. De communicatie binnen haar gezin verloopt goed. Ze hebben inmiddels vier goed opgeleide kinderen. Hun vader was eerst wel streng maar na ruim dertig jaar in Nederland is hij wat flexibeler geworden.
Zineb merkt op dat er toch dingen veranderd zijn. In eerste instantie waren alle autochtonen aardig maar de laatste tijd lijken er meer problemen te zijn. "Maar niet hier in de Heuvel," voegt ze er meteen aan toe, "hier is iedereen vriendelijk."

Ze bedoelt het meer in het algemeen. Nederlanders zijn niet altijd even tolerant.

Ze denkt hardop verder.

Ze denkt hardop verder. Het is maar hoe je de zaken bekijkt. Op alles zijn twee visies mogelijk. Als je je ergert aan een meisje in een strak minirokje, kun je zeggen: "Je ziet eruit als een hoer." Maar het kan ook anders: "Zeg eens, zou je niet wat meer kleren aantrekken?" Nederlanders lijken naar de eerste, nogal negatieve visie te neigen.
Zineb relativeert: "Het is natuurlijk ook mogelijk dat vanwege recente extremistische daden de media alles opblazen maar toch heeft dat wel degelijk invloed op de publieke opinie. Wij kregen op de Vrouwendag van 6 maart negatieve reacties, alleen vanwege ons Marokkaans-zijn. Wij werden aangesproken op de moord op Theo van Gogh. En dat terwijl we allemaal vonden dat het om de daad van een door het lint geslagen idioot ging."

Het comité zou graag meer contact met Nederlandse vrouwen willen hebben. Elkaar leren kennen en begrip krijgen voor elkaars achtergrond en elkaars geloof kan ertoe leiden dat het met elkaar samenleven een betere kwaliteit krijgt.
In wezen zijn er veel overeenkomsten tussen de Koran en de Bijbel. Volgens de Koran moet een vrouw haar man gehoorzamen maar het omgekeerde geldt ook. Vrouwen hebben meer rechten dan alleen op het aanrecht. Een man kan zijn vrouw ook niet zomaar verstoten. Als er bijvoorbeeld sprake is van overspel, is er pas na drie keer praten recht op een scheiding.

Zo zijn er meer ruime opvattingen. Dat geldt ook voor een zelfs in Nederland delicate zaak als prostitutie. Als oudste beroep van de wereld wordt prostitutie niet verworpen. Maar toch ook weer niet aanbevolen.

Zineb vindt dat Nederlanders soms een hokjesmentaliteit hebben, iedereen moet in een afgebakend hokje passen. Ze mist een zekere ruimdenkendheid. Nederlanders zijn bovendien erg prestatiegericht, ze willen per se resultaten behalen. Dat merkt ze ook aan een integratieproject als het Marokkaans Vrouwencomité. Van hen worden ook resultaten verwacht, ze moeten op Nederlandse wijze prestaties leveren.

Interview: Simon Noot en Corry Boerman, maart 2005